Homeactueel Verslag conferentie de Bibliotheek op school
Verslag conferentie de Bibliotheek op school
3 november 2011 In Equipe Meeting Center te Zwolle vond woensdag 2 november de eerste van een serie regionale conferenties plaats over de Bibliotheek op school. Bibliotheekdirecteuren, wethouders en schooldirecties werden tijdens deze bijeenkomst bijgepraat over de mogelijkheden van een integrale en strategische samenwerking tussen Bibliotheek, school en politiek. Doel van de Bibliotheek op school: de lees- en taalvaardigheid en mediawijsheid van kinderen op de basisschool structureel versterken.
"Geen kind mag ontsnappen aan dit project"
Directeur Jos Debeij van Bibliotheek Deventer vatte het collectieve gevoel aan het eind van de middag wellicht het best samen door te stellen 'genuanceerd enthousiast' te zijn over de Bibliotheek op school. "Geen kind mag ontsnappen aan dit project", aldus zijn niet mis te verstane woorden. Wat hem betreft zit de nuance echter in de middelen die hiervoor benodigd zijn. Hiervoor zullen er stevige afspraken gemaakt moeten worden tussen Bibliotheken, overheden en schoolbesturen.
Want dat er potentie zit in een structurele en integrale samenwerking tussen Bibliotheek en school met steun van overheden, daarover waren de deelnemers aan deze conferentie het deze dag roerend eens. Mark Deckers - onlangs benoemd tot Beste Bibliothecaris van Nederland - was deze dag aanwezig in Zwolle en tekende in een liveblog de belangrijkste bevindingen op. Een weergave van zijn verslag is eveneens hieronder te lezen:
Structureel samenwerken door Thomas van Dalen
De aftrapper van vandaag is Thomas van Dalen, hij is management consultant in de cultuursector. Ik ken hem nog als slimme bibliotheekambtenaar in Zwolle. Hij legt uit dat bibliotheken eigenlijk al heel goed bezig zijn maar vooral op uitvoerend niveau. Op tactisch en strategisch niveau zijn we veel minder een gesprekspartner.
Thomas legt uit dat we vaak niet geborgd zijn in de Lokaal Educatieve Agenda (LEA). Welke maatschappelijke problemen lossen we met elkaar op? Op welke manier dragen we bij aan de meerjarendoelstelling van de school?
Na die fasering steekt Thomas door naar de voorbereiding en de implementatie. Duidelijk is dat de Bibliotheek op School kiest voor een stevig programma naar de scholen: schoolbibliotheken, meerjarige leesprogramma’s, stevige monitor om de leesprestaties te volgen en nog een hele riedel meer.
Mijn conclusie is dat de Bibliotheek op School een compleet programma heeft en dat zowel vraagt om een stevige aanpak als een stevige lobby. Een lobby naar zowel de lokale politiek als naar de landelijke en eventueel provinciale overheid. Naast die lobby zal dit programma ook van ons als bibliotheken vragen om samen mee te doen aan dit programma. Om eigen programma’s in sommige gevallen aan de kant te schuiven en samen de schouders te zetten onder het gezamenlijke programma. Mij lijkt dat een prima plan. Want als iets voor mij duidelijk is, is dat ondersteuning van het onderwijs ook in de toekomst een prima bibliotheektaak is. En dat is in deze tijden een prima geluid.
Daarna laat Thomas het verhaal schoolBIEB van Den Bosch zien. Nou ja, dat kent u natuurlijk al. En anders kijkt u nog even naar onderstaand filmpje.
Het verhaal van Den Bosch is meer dan alleen een schoolbibiotheek op alle basisscholen. Duidelijk is dat de hele keten van gemeente, bibliotheek en onderwijs samen dat leesonderwijs hebben opgepakt. Het is bijzonder interessant om deze kinderen nu eens tien jaar te volgen en die te vergelijken met kinderen die deze kansen niet hebben gehad. Ik heb een vermoeden welk verschil we dan kunnen zien.
Kees Broekhof – senior onderzoeker van Sardes - gaat vervolgens in op de context tussen bibliotheken en onderwijs en welke effecten bibliotheken kunnen bereiken. Zo, dat is een mond vol en inderdaad redelijk wetenschappelijk. Maar niet onbelangrijk. Want samenwerken doe je niet voor de lol maar voor het effect. Welk resultaat bereik je?
Met andere woorden: stel dat een schooldirecteur aan je vraagt “Wat levert de bibliotheek als bijdrage aan mijn Cito-score?”, of, “Op welke wijze draagt u bij aan het opbrengstgericht werken?”. Tja, wat zeg je dan. Duidelijk is dat je niet meer aan kunt komen met alleen het verhaal dat lezen zo leuk is.
Hij legt uit dat bibliotheken een forse bijdrage leveren aan het begrijpend lezen. En guess what? Begrijpend lezen is een belangrijke graadmeter van hoe een leerling kan in het vervolgonderwijs. Kort door de bocht: de kwaliteit van begrijpend lezen kan het verschil maken tussen VMBO of HAVO/VWO.
Hij legt uit dat taalachterstand al begint in de eerste jaren van je leven. Amerikaans onderzoek toont aan dat kinderen in een achterstandssituatie 30 miljoen woorden minder horen in hun eerste jaren. En daar wordt eigenlijk al hun schoolcarrière voor later bepaald. Binnen een paar minuten heeft hij uitgelegd hoe belangrijk het is om veel te lezen. Wie eenmaal een achterstand heeft met zijn of haar woordenschat moet keihard werken om dat in te halen.
Het antwoord op die achterstand is: VRIJ LEZEN. En daar is de bibliotheek natuurlijk een fantastische partner in. En scholen wisten bibliotheken natuurlijk al wel te vinden voor boeken maar heel vaak maakten we geen koppeling met de schoolresultaten. Want als de bibliotheek dat kan aantonen, dan is de samenwerking natuurlijk ook op de lange termijn geborgd.
Om die resultaten te meten heeft Sardes een leesmonitor ontwikkeld die de bibliotheek kan gebruiken. Deze legt leesmotivatie, leesgedrag en leengedrag vast. Die monitor wordt door leraren en leerlingen uitgevoerd. En jawel, op de Bibliotheek2daagse worden naar verwachting de eerste resultaten verwacht. Maar in de presentatie gaf hij al wel een inkijkje hoe dit er voor een afzonderlijke school uitziet.
En daar zit inderdaad wel een aantal leuke feitjes bij. Namelijk dat juffen en meesters absoluut niet helpen om leuke boeken te vinden. En wat we natuurlijk al wisten: groep 6 is onze meest fanatieke leesgroep en daarna zie je al een afkalving van het leesgedrag optreden. Wie leerlingen in groep 7 en 8 nog een tijdje langer door weet te laten lezen, kan ze dus iets meegeven voor hun hele schoolcarrière.
Op basis van dit soort cijfers kan een school nieuwe doelen stellen: ga meer over boeken praten met leerlingen of richt een leeskring op op school. Zo en na die doelen gaan ze aan de slag. En na een jaar volgt weer die monitor. Fantastisch verhaal volgens mij.
Tja, en dan komt Kees Broekhof even terug op wat iedereen moet regelen: is de bibliotheek bereid om te investeren in zo’n mooi verhaal? Zo, die Kees liet even zien hoe we onze goede inzet kunnen koppelen aan de opbrengst van een school. En volgens mij heeft de bibliotheek hiermee een antwoord voor die schooldirecteur die vraagt: “Wat levert de bibliotheek als bijdrage aan mijn Cito-score?”, of, “Op welke wijze draagt u bij aan het opbrengstgericht werken?”.
De situatie in Overijssel en Flevoland met Astrid Kuipers en Karin de Jong
Zo, het eerste deel zit erop. We gaan door naar het verhaal uit de regio. In dit geval is dat Astrid Kuipers, onderwijsmanager primair onderwijs Netwerk Overijsselse Bibliotheken en Karin de Jong, servicemanager Bibliothecaire Diensten van het Servicecentrum Flevolandse Bibliotheken.
Beide dames mogen uitleggen hoe op dit moment hun dienstverlening in beide provincies geregeld is. Astrid Kuipers legt uit dat er al veel samenwerking is met Biebwijz, Biebsearch jr. en Biebsearch voor voortgezet onderwijs en MBO. Karin de Jong geeft aan hoe in Flevoland gewerkt wordt aan een netwerk van leescoördinatoren in de Flevomeer Bibliotheek. En dat werkt prima.
De ambitie van Astrid Kuipers is voor Overijssel om de verschillende onderdelen die er al bestaan zoals Biebwijz, Biebsearch jr. en Kunst van Lezen samen te voegen naar een integraal verhaal van de Bibliotheek op School. En dat moet natuurlijk weer aansluiten op een gesprekken met gemeenten en de provinciale overheid om dit ook te borgen.
Karin de Jong geeft aan dat dit verhaal wel noopt tot keuzes bij bibliotheken. Nu er ook scherp bezuinigd wordt, is het niet vanzelfsprekend dat er zo maar meer tijd en geld naar onderwijs gaat.
Interview ambitieuze samenwerkingsprojecten in Raalte en Almere
Nu de coördinatoren aan het woord zijn geweest, worden een aantal regionale voorbeelden uitgelicht. Ingrid Verwer (Almere) legt uit hoe Biebsearch jr. werkt. Binnen dit totaalpakket wordt ook aandacht besteed aan mediawijsheid. Het is dus meer dan lezen alleen. Ingrid legt ook uit dat mediacoaches hiervoor belangrijk zijn.
Uit de praktijk van Ingrid Verwer komt Sonja van Egmond – zij is onderwijsassistent op de basisschool Spectrum in Almere. Ze legt uit hoe ze Biebsearch jr. tot nu toe ervaart. Ze leggen samen uit hoe ze samen een werkplan opstelden en daarin doelen stelden voor de school.
Frederique Westra – directeur van de bibliotheek Raalte – vertelt over de samenwerking van Biebsearch jr. met Kunst van Lezen. Daarvoor heeft ze twee onderwijscollega’s van basisschool De Lindert meegenomen. Han van Rhee, de directeur van de Lindert, legt uit dat hij samen met een projectgroep zelf mee heeft kunnen bepalen hoe Biebsearch jr. er uit moest zien. Hij beaamt de inzet van de bibliotheek voor het taal- en leesonderwijs. En hij geeft volmondig toe dat hij dit niet had gekund zonder de bibliotheek. Het leveren van boekmaterialen is daarbij de kern. Het feit dat er ook al nagedacht wordt over mediawijsheid is mooi meegenomen. De directeur geeft overigens aan dat hij de prijs (€ 10,- per leerling) er graag voor over heeft, ondanks ook voor onderwijs zware tijden.
Han van Rhee legt uit dat er door de samenwerking met de bibliotheek kinderen met veel plezier weer meer lezen. Hij kan nog niet aangeven op welke wijze het in de eindresultaten van de school te zien is maar er is wel een voorzichtige trend te zien.
Tot slot vertelt Liesbeth van den Hoove over haar ervaringen als bibliotheekspecialist voor jeugd. Ze geeft aan dat ze het fantastisch vindt dat ze kinderen zo enthousiast ziet lezen. Ook de entree bij de scholen is verbeterd. Door het samen opstellen van een werkplan en de omgang met de leescoördinatoren geeft dit je de ruimte om ook echt te bouwen aan een structurele samenwerking.
En dat is dan ook de slotconclusie: maak het structureel, zorg dat de pilot die het nu nog is,vaste dienstverlening wordt. En volgens mij was daar de Bibliotheek op School op gericht.
De landelijke samenhang op educatief gebied met Jellie Tiemersma
De afronding wordt gedaan door Jellie Tiemersma. Zij is sinds kort projectleider van de Bibliotheek op School. Doel van het project is om die gezamenlijke slagkracht van de bibliotheken te organiseren door best practices te bundelen. Die bundeling levert namelijk een mooi aanbod dat alle bibliotheken zouden kunnen doen. Die bundel bestaat uit: Boek1boek, Biebserach jr.en Kunst van Lezen. Met andere woorden: het goede verhaal bestaat dus al. De vraag is dus hoe we het zo goed mogelijk met elkaar kunnen implementeren.
Betekent dat dat alles eenheidsworst wordt? Nee, dat lijkt niet het geval. Binnen elk van de pakketten zit nog zoveel maatwerkruimte dat je de dienstverlening ook binnen die gezamenlijkheid op verschillende behoeften van scholen kunt inrichten.
En dat alles zal op de Nationale Onderwijs Tentoonstelling (NOT) 2013 moeten kunnen worden aangeboden aan alle scholen in Nederland. En dat is een mooie ambitie en die sluit prima aan bij Marks driepuntenplan.
De slotopmerking komt van twee bibliotheekdirecteuren. Jan Gommer – directeur van de FlevomeerBibliotheek zegt dat zijn actie na vandaag zal zijn om morgen een mail te sturen naar de ambtenaren en wethouders om hen uit te nodigen om verder te praten. Jos Debeij – directeur van de Bibliotheek Deventer en voorzitter van het Overijssels netwerk – zegt dat hij enthousiast is maar dat het een kwestie van het organiseren van “middelen” is. Scholen, bibliotheken en overheden moeten zich samen hieraan committeren. En als je dat doet kun je een ambitieuze ambitie hanteren dat over vier jaar elke basisschoolleerling hiervan gebruik kan maken.
En daarmee eindigt volgens mij een prima middag. Een goed verhaal, niet altijd even makkelijk maar met een mooi perspectief.
En bovenal goed georganiseerd: en daarvoor bedanken we Astrid Kuipers!